14 Niet in de balans opgenomen rechten en verplichtingen

Juridische procedures

PFZW heeft per balansdatum een aantal juridische procedures lopen in verband met ingehouden bronbelasting op dividenden in andere EU lidstaten. Op basis van de huidige inzichten en stand van zaken bedraagt de te claimen waarde circa 72 miljoen.

Investerings- en stortingsverplichtingen

Per balansdatum bestaan de volgende investerings- en stortingsverplichtingen:

(bedragen x € 1 miljoen)

2016

2015

Maximale

   

looptijd

Vastgoed

103

79

5 jaar

Infrastructuur

2.986

4.388

5 jaar

Private equity

8.388

8.079

5 jaar

Leningen

77

86

5 jaar

Overige beleggingen

30

34

5 jaar

    

Totaal

11.584

12.666

 

    Van de totale investerings- en stortingsverplichtingen is € 10.632 miljoen (2015: € 11.538 miljoen) aangegaan met PGGM beleggingsfondsen.

    Het pensioenfonds heeft geen beleggingen in premiebijdragende ondernemingen.

    Ultimo boekjaar staat een bedrag van € 83 miljoen aan offertes uit hoofde van de hypothecaire leningen uit.

    Voorwaardelijke pensioenaanspraken

    De niet in de balans opgenomen verplichtingen met betrekking tot de voorwaardelijke pensioenaanspraken bedragen € 1.548 miljoen (ultimo 2015 € 1.488 miljoen). Dit betreft de compensatierechten (VPL) en is uitsluitend van toepassing voor op 31 december 1998 actieve deelnemers waarvan het dienstverband niet voortijdig is beëindigd. De inkoop van deze voorwaardelijke verplichtingen met betrekking tot VPL loopt door tot en met 31 december 2020. Bij de waardering van deze verplichtingen wordt vanaf 2016 geen rekening gehouden met de verwachte uitstroom van deelnemers, waardoor ze hun recht verliezen.

    Deze verplichtingen worden in de komende jaren gefinancierd uit de premiebijdragen. Vanaf 2015 tot en met 2019 is de hiervoor bestemde premie hoger dan de in betreffend jaar in te kopen verplichtingen. Het verschil wordt als vooruit- ontvangen premies in de balans opgenomen (noot 13) voor de toekomstige inkoop van deze aanspraken. Naar verwachting is deze schuld, gegeven de huidige premiesystematiek, toereikend om benodigde premiebijdrage voor de VPL-compensatierechten in 2020 te financieren.