De omgeving van PFZW

Arbeidsmarkt

De wereld om ons heen verandert in rap tempo. Zo ziet de arbeidsmarkt er heel anders uit dan 10 tot 15 jaar geleden. Er zijn nieuwe arbeidsverhoudingen gekomen, met meer flexibele contracten en meer zzp’ers. Het pensioenfonds is primair de uitvoerder van de arbeidsvoorwaarde pensioen. Daarom speelt PFZW hierop in. Bijvoorbeeld door de pensioenregeling toegankelijk te maken voor alle werkenden in de sector, ook als ze geen werknemer zijn. Dat is van belang omdat we willen voorkomen dat werkenden in de sector na pensionering te maken krijgen met een lager inkomen door het ontbreken van aanvullend pensioen. Dit is ook een belangrijk aandachtspunt in de discussie over de toekomst van het pensioenstelsel. Daarnaast hecht PFZW aan een collectief pensioen, zodat risico’s en kosten optimaal gedeeld kunnen worden.

Digitalisering

Een pensioenfonds is ook een financiële instelling; zo beheert PFZW vele miljarden euro's namens werkgevers en werknemers in de sector zorg en welzijn. En gebruikt het, net als banken en verzekeraars, in toenemende mate moderne technologie om deelnemers en werkgevers zo goed mogelijk van dienst te zijn en de kosten van uitvoering zo laag mogelijk te houden.

De verwachting is dat deze dienstverlening niet alleen steeds digitaler, maar ook persoonlijker wordt. Door de technologische ontwikkelingen veranderen de traditionele pensioenuitvoeringsorganisaties gaandeweg in gespecialiseerde IT-bedrijven. Net als in de bankensector zichtbaar is, is het mogelijk dat bestaande en nieuwe IT-bedrijven onderdelen van de pensioenmarkt gaan bedienen.

PFZW zet echter niet alleen in op digitalisering om de deelnemers steeds sneller en gerichter te informeren en te bedienen. Het bereidt zich, samen met de uitvoeringsorganisatie, ook voor op een rol in het bieden van een totaaloverzicht van de inkomenspositie na pensionering. Waarbij naast het pensioen ook zaken als eigen huis, vermogen en bijvoorbeeld zorgkosten worden meegenomen.

Kleine pensioenfondsen verdwijnen

In het pensioenveld zien we steeds meer kleine pensioenfondsen verdwijnen. Zij gaan op in grotere pensioenfondsen of brengen hun regeling onder bij een Algemeen Pensioenfonds (APF) of een verzekeraar. Deze consolidatie draagt bij aan vereenvoudiging en uniformering van pensioenregelingen en lagere uitvoeringskosten. Dat is ook voor PFZW van belang, omdat het bepalend is voor de waardering van pensioenfondsen als mogelijke uitvoerders van aanvullende pensioenregelingen. Daarnaast vergemakkelijkt deze consolidatie de (complexe) overgang naar een nieuw pensioenstelsel in de nabije toekomst.

We zien een trend naar premieovereenkomsten in plaats van uitkeringsovereenkomsten. De werkgever stelt daarbij een premie ter beschikking aan de werknemer, maar zegt geen uitkering meer toe. Het pensioen is uiteindelijk afhankelijk van de ingelegde premies vermeerderd met het beleggingsresultaat. Een dergelijk individueel pensioenvermogen is ook het uitgangspunt van het plan van de SER voor een nieuw pensioenstelsel. Maar dan wel met een zekere mate van solidariteit zoals een collectieve buffer.

Witte vlek neemt toe

Het komt steeds vaker voor dat nieuwe werkgevers of sectoren geen pensioenregeling aanbieden aan hun werknemers. Dit leidt tot een toename van de zogenaamde witte vlek. Hoe groter de witte vlek en het aantal zzp’ers zonder pensioenvoorziening, hoe groter het risico van een toenemend beroep op de collectieve middelen in de toekomst. Hier ligt primair een taak voor de overheid.

Binnen de sector zorg en welzijn probeert PFZW door het aanbieden van een ‘instapregeling’ nieuwe werkgevers en sectoren (financieel) te laten ‘ingroeien’ in de PFZW-regeling. En door het organiseren van een proeftraject voor een afgebakende groep van zzp’ers, proberen we deze groep deel te laten nemen in de PFZW-regeling. Dat vergt de nodige creativiteit, omdat pensioenfondsen doorgaans alleen regelingen voor wie in dienst is bij een werkgever uitvoeren.