3.8 Overzicht marktwaarde beleggingen en waarderingsmethoden

Voor het bepalen van de reële waarde wordt het volgende hiërarchische onderscheid in waarderingsmethoden gemaakt afhankelijk van de beschikbaarheid van objectieve gegevens.

  • Directe marktnoteringen − Beleggingen waarvan de waarde is gebaseerd op genoteerde, niet aangepaste prijzen voor identieke beleggingen die op actieve markten, waartoe op het waarderingsmoment toegang is, tot stand zijn gekomen.

  • Afgeleide marktnoteringen − Beleggingen waarvan de waarde is gebaseerd op marktgegevens, anders dan directe marktnoteringen, die direct of indirect waarneembaar zijn en waarop eventueel aanpassingen worden verricht. Onder deze categorie zijn ook begrepen fondsbeleggingen waarvan minder frequent een nettovermogenswaarde wordt ontvangen maar waarop wel kan worden gehandeld.

  • Waarderingsmodellen en technieken − Beleggingen waarvan de reële waarde is gebaseerd op waarderingsmodellen en -technieken waarbij inschattingen zijn gemaakt en veronderstellingen zijn gehanteerde door de vermogensbeheerder vanwege het ontbreken van volledig waarneembare marktgegevens. Onder deze categorie zijn ook begrepen beleggingen in closed end beleggingsfondsen, waarvan de vermogensbeheerder de nettovermogenswaarde heeft bepaald op basis van een vastgestelde waarderingsmethode.

In de hierna opgenomen specificaties is voor zover het PGGM beleggingsfondsen betreft het beginsel ‘look through’ niet toegepast. Daarom zijn de waarden van beleggingen in open end PGGM beleggingsfondsen onder afgeleide marktnoteringen en die van closed end PGGM beleggingsfondsen onder waarderingsmodellen en -technieken verantwoord.

De marktwaarde van de beleggingen per balansdatum kan als volgt worden weergegeven:

 

Directe

Afgeleide

Waarderings-

 
 

markt-

markt-

modellen

 
 

noteringen

noteringen

technieken

Totaal

(bedragen x € 1 miljoen)

    
     

Vastgoed en infrastructuur

-

31.521

1.490

33.011

Aandelen

2.959

48.517

12.128

63.604

Vastrentendewaarden

61.652

23.685

5.806

91.143

Derivaten activa

-

18.805

-

18.805

Grondstoffen

-

7.815

-

7.815

Overige beleggingen

67

-

3.464

3.531

     

Totaal beleggingen activa

64.678

130.343

22.888

217.909

     

Derivaten passiva

-

(8.646)

-

(8.646)

     

Totaal 2018

64.678

121.697

22.888

209.263

Totaal % 2018

31%

58%

11%

100%

Totaal 2017

63.184

122.033

21.786

207.003

Totaal % 2017

30%

59%

11%

100%

In toelichting “2.2 Grondslagen voor waardering van activa en passiva” zijn per beleggingscategorie de waarderingsgrondslagen toegelicht. Hierna worden afhankelijk van de complexiteit en omvang van de beleggingen aanvullende veronderstellingen toegelicht die gehanteerd zijn voor het vaststellen van de reële waarden.

Directe marktnoteringen

Beursgenoteerde aandelen en beursgenoteerde obligaties waarbij sprake is van een actieve markt, worden gewaardeerd tegen bid en mid slotkoersen. Obligaties worden gewaardeerd inclusief de lopende rente. Voor het waarderen van inflatieobligaties  wordt gebruik gemaakt van slotkoersen en consumentenprijsindices. In de slotkoers is de verwachte inflatie verwerkt, de gerealiseerde inflatie wordt gehaald uit de consumentenprijsindex.

Afgeleide marktnoteringen

Kapitaalbelangen in niet-beursgenoteerde open end beleggingsfondsen worden gewaardeerd op basis van de nettovermogenswaarde die de fondsbeheerder heeft gepubliceerd. Het belangrijkste gegeven om de nettovermogenswaarde te bepalen is de waarde van de beleggingen in het beleggingsfonds per balansdatum. De fondsbeheerder volgt de door PFZW gehanteerde grondslagen en methoden. In deze categorie zijn participaties in open end PGGM beleggingsfondsen ter waarde van € 103.998 miljoen (2017: € 104.809 miljoen) opgenomen.

Over-the-counter derivaten, zoals interest rate swaps, total return swaps, inflation swaps en valutatermijncontracten, worden gewaardeerd met behulp van één of meerdere standaardmodellen waarbij variabelen worden gebruikt die uit een actieve markt zijn af te leiden, zoals interbancaire rentecurves, swaprentes, valutakoersen, prijzen van onderliggende activa, indices, referentiekoersen en spreads van credit default swaps. Deze variabelen worden verkregen van dataleveranciers. De berekende waarden worden dagelijks afgestemd met de tegenpartijen in het kader van het collateral managementproces.

Waarderingsmodellen en technieken

Bij het bepalen van de waarde van aandelen en obligaties waarbij geen sprake is van een actieve markt, leningen en enkele derivaten waarbij een of meerdere variabelen niet uit een actieve markt zijn af te leiden, worden aannames gedaan die leiden tot een bepaalde mate van subjectiviteit.

Kapitaalbelangen in closed end beleggingsfondsen (inclusief deelnemingen en joint ventures) worden gewaardeerd tegen de nettovermogenswaarde. Deze nettovermogenswaarde is door de fondsbeheerder  geschat op basis van een waarderingsmethode (veelal discounted cash flow-methode) die met deze partij is afgesproken.

In het geval van directe investeringen in ondernemingen wordt de reële waarde door de vermogensbeheerder bepaald op basis van waarderingsmodellen en –technieken waarbij (onafhankelijke) waarderingsspecialisten zijn betrokken. Deze waarderingsmodellen en -technieken zijn veelal gebaseerd op de discounted cash flow-methode. Indien tevens financieringen zijn verschaft in de vorm van onderhandse leningen welke onlosmakelijk verbonden zijn met het eigen vermogensinstrument, worden deze ook verantwoord onder dezelfde categorie van de waarderingsmethode.

De gebruikte methoden om de waarde te bepalen zijn subjectief waardoor de geschatte waarde kan afwijken van de waarde die gerealiseerd zou zijn als de betreffende belegging verkocht zou zijn. Wanneer geen schatting beschikbaar is, wordt de waarde van een belegging gebaseerd op de meest recente waardering waarbij aanpassingen worden overwogen.

De credit risk sharing transactions worden gewaardeerd met behulp van een waarderingsmodel dat door een externe adviseur is gevalideerd. In dit model worden verwachte toekomstige kasstromen verdisconteerd tegen een rentevariabele.